Question: Oefening p.554 2
Veronderstel dat A een diagonaliseerbare (m \times m)-matrix is die de eigenschap heeft dat
voor elke eigenwaarde \lambda geldt dat |\lambda| < 1. Toon aan dat \lim_{n \to \infty} A^n = 0. (met dat laatste bedoelen we dat voor elke i, j \in \{1,2, \ldots, m\} geldt dat het (i, j)-element van A^n naar nul gaat).
Oefening p.554 6
Extra oefening, moet je snel klaar zijn met de vorige oefeningen. Wat zijn de eigenwaarden van een bovendiagonhoeksmatrix?
1. **Stel het probleem vast:** We willen de eigenwaarden van een bovendiagonale matrix bepalen.
2. **Definitie van een bovendiagonale matrix:** Een bovendiagonale matrix is een vierkante matrix waarbij alle elementen onder de hoofddiagonaal nul zijn, dat wil zeggen, voor alle i > j geldt dat a_{ij} = 0.
3. **Belangrijke eigenschap:** De eigenwaarden van een bovendiagonale matrix zijn precies de elementen op de hoofddiagonaal.
4. **Waarom is dat zo?**
- De determinant van een matrix \(A - \lambda I\) is een polynoom waarvan de nulpunten de eigenwaarden zijn.
- Voor een bovendiagonale matrix is \(A - \lambda I\) ook bovendiagonaal, met hoofddiagonaalelementen \(a_{ii} - \lambda\).
- De determinant van een bovendiagonale matrix is het product van de hoofddiagonaalelementen.
- Dus:
$$\det(A - \lambda I) = \prod_{i=1}^m (a_{ii} - \lambda)$$
5. **Conclusie:** De eigenwaarden \(\lambda\) zijn de oplossingen van:
$$a_{ii} - \lambda = 0 \implies \lambda = a_{ii}$$
voor \(i = 1, 2, \ldots, m\).
6. **Samenvatting:** De eigenwaarden van een bovendiagonale matrix zijn de elementen op de hoofddiagonaal van die matrix.